Gemeente pakt vermeend milieuschandaal DuPont op

SLIEDRECHT / DORDRECHT – Sliedrecht neemt geen genoegen met antwoorden van de provincie Zuid-Holland over de uitstoot van de stof PFOA door chemieconcern DuPont Nederland (tegenwoordig Chemours-red.) in Dordrecht, pal ‘aan de overkant’ van de Sliedrechtse wijk Baanhoek. De stof is jaren gebruikt voor de productie van teflon en dat is mogelijk levensbedreigend geweest. 

De gemeenteraad van Sliedrecht is donderdag 15 oktober 2015 aan het eind van de middag geïnformeerd. De nu nog geheime stukken zijn in handen van de redactie van Sliedrecht24. (Foto Sliedrecht24)

Vrijdag 16 oktober 2015 volgt een door het college van B & W van de gemeente Sliedrecht ondertekende versie bij de leden van de raad ‘in de bus’ en in de besluitvormende vergadering van 27 oktober wordt het stuk besproken.

Uitstoot
Zorgen zijn er over de uitstoot in de lucht bij de gemeente Sliedrecht. “Omdat vooral deze emissies van belang zijn voor de bevolking van Sliedrecht vanwege de benedenwindse ligging van Sliedrecht ten opzichte van het bedrijf. Door een toxicoloog is in het programma EenVandaag vastgesteld dat de waarden van de stof PFOA in het bloed van werknemers van DuPont schokkend hoog zijn. Dit heeft ertoe geleid dat wij vanuit de bevolking signalen krijgen dat men zich zorgen maakt over mogelijk opgelopen gezondheidsschade als gevolg van langdurige blootstelling aan de stof PFOA”, aldus de gemeente. Volgens de gemeente ontbreken nog belangrijke gegevens om afdoende antwoorden te kunnen geven op alle vragen en zorgen die er zijn te kunnen wegnemen.

Onjuiste informatie?
Binnen 4 vieren weken wil de gemeente antwoord van de provincie op een aantal vragen, zoals wanneer is DuPont begonnen met de emissies van PFOA naar de lucht in Dordrecht? “Er is aanleiding om te vermoeden dat DuPont de emissie van PFOA heeft gerapporteerd onder NMVOS. PFOA smelt echter pas bij circa 50-60 graden Celsius en is daarmee qua smeltpunt vergelijkbaar met bijvoorbeeld roomboter. PFOA is daarmee per definitie geen NMVOS. Dit zou betekenen dat DuPont al die jaren onjuiste informatie heeft verstrekt over emissies van PFOA naar de lucht. Het behoort tot de wettelijke taak van de provincie om de juistheid van de getallen in de elecotronische milieujaarverslagen te verifiëren. Waarom is dat hier met betrekking tot PFOA-emissies naar de lucht kennelijk niet gebeurd?”, vraagt de gemeente.

Aangifte?
In het gemeentedossier is een evaluatie aanwezig van 28 april 2008 waarin de GGD Zuid-Holland Zuid de emissie van een drietal (verdacht) kankerverwekkende stoffen, die door DuPont naar de buitenlucht werden geëmitteerd, evalueert. Gemeente Sliedrecht: “Daar zat PFOA niet bij terwijl destijds volgens de bovengenoemde memo wel PFOA vrijkwam naar de lucht. Hoe kan dat? Hoe kan het dat PFOA zo lang onder de radar heeft kunnen blijven qua emissie naar de lucht? Mocht u bevestigen dat DuPont in de electronische milieujaarverslagen geen, of op een misleidende manier, informatie over PFOA-emissies naar de lucht heeft verstrekt bent u dan bereid om hierover aangifte te doen van valsheid in geschrifte tegen het bedrijf?

Verplichting
De gemeente Sliedrecht vraagt om toezending in digitale vorm van alle bij de provincie/OZHZ aanwezige emissiejaarverslagen met emissies naar de lucht.
“In de vergunning van 1998 werd nog een aanzienlijke hoeveelheid PFOA-emissie vergund naar de buitenlucht ondanks dat in 1993 al bekend was dat de stof kankerverwekkend is. Is hierover in 1998 advies ingewonnen bij RIVM/Infomil?
In de Nederlandse Emissie Richtlijn (NER) is al meer dan 10 jaar de minimalisatieverplichting voor kankerverwekkende stoffen van toepassing. Waarom is deze verplichting nooit opgelegd aan DuPont met betrekking tot PFOA, ook niet na 2000, toen er steeds meer bekend werd over de kankerverwekkende eigenschappen van PFOA?”

Hoeveelheden
Sinds 2005 zijn er vanuit Sliedrecht verschillende actualisatieverzoeken ingediend met als doel om de vergunde emissie van kankerverwekkende stoffen naar de lucht te beperken tot een niveau dat voldoet aan de wettelijke eis tot toepassing van Best Beschikbare Technieken (BBT). Alle verzoeken zijn destijds door de provincie categorisch geweigerd. “Waarom is niet eerder tot actualisatie overgegaan?
In 2009 zijn door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State 2 uitspraken gedaan waarin de provincie in het ongelijk wordt gesteld omdat de provincie niet hard kon maken dat de hoeveelheden door DuPont naar de lucht geëmitteerde stoffen in overeenstemming waren met toepassing van BBT. Het heeft toen nog tot 2013 geduurd voordat de vergunning geactualiseerd was en het gebruik van PFOA niet meer was toegestaan. Waarom heeft dat nog zo lang geduurd?

Overzicht
Volgens de vergunningaanvraag van 2010 is PFOA nu vervangen door GenX. “Wat is de identiteit van deze stof? Wat zijn hiervan de toxicologische eigenschappen? Voor zover wij na kunnen gaan is de emissie naar de lucht van deze stof niet vergund. Klopt dat? Kunt u bevestigen dat de emissie van GenX ook daadwerkelijk niet plaats vindt? Hoe verifieert u dat? In welke hoeveelheden mogen op dit moment nog kankerverwekkende stoffen vrijkomen? Om welke stoffen gaat het hierbij? Wij verzoeken u om een compleet overzicht van de vergunde emissies versus de gerealiseerde emissies van alle kankerverwekkende stoffen inclusief verdacht kankerverwekkende stoffen vanuit DuPont naar de lucht in de periode 2000-2015.”

Onafhankelijk onderzoek
Gezien het grote aantal vragen en de rol van de provincie in dit dossier vraagt de gemeente Sliedrecht de provincie om door middel van een onafhankelijk onderzoek een risico inschatting te laten maken van de mogelijke effecten van deze stoffen op de bevolking van Sliedrecht. De brief van de gemeente, die woensdag 14 oktober 2015 is opgesteld, is ook gestuurd naar o.a. de gemeenten Dordrecht, Papendrecht, de Stichting Werkgroep Derde Merwedehaven en de Omgevingsdienst ZHZ. 

Twee fabrieken
De gedeputeerden van de provincie Zuid-Holland Rik Janssen en Floor Vermeulen zijn op 1 oktober 2015 in een schrijven van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid uitvoerig op de hoogte gesteld over de emissies door DuPont destijds. De provincie was/is vergunningverlener geweest aan DuPont en voerde bovendien de controle uit. De feiten zijn verzameld uit de archieven en daarnaast geverifieerd bij Chemours (vh DuPont). Waar geen gegevens bekend waren, zijn deze verzameld bij Chemours. Daarnaast wordt kort de context van deze feiten toegelicht. De stof is bij twee fabrieken van Chemours volgens de omgevingsdienst gebruikt. “In de zogeheten Teflon fabriek wordt van tetrafluoretheen Teflon (PTFE) gemaakt. In de FEP fabriek wordt vanuit diverse grondstoffen het copolymeer Teflon FEP gemaakt. De hulpstof PFOA wordt niet meer verwerkt. In berichtgeving en rapportages worden de termen APFO en PFOA door elkaar gebruikt. APFO is het aminozout en PFOA is het zuur. In de praktijk worden concentraties aan PFOA gemeten, en daarna omgerekend naar concentratie AFPO. Het verschil tussen beide bedraagt enkele procenten.”

‘Niet rapportage plichtig’
De feiten zijn verzameld vanaf de vorige revisievergunning van 1998. Voor 1998 wordt het verzamelen van gegevens moeilijk volgens de Omgevingdienst ZHZ in het schrijven aan de provincie en zijn de gegevens minder betrouwbaar en minder goed verifieerbaar. “De gegevens die nu zijn verzameld komen overeen met de gegevens zoals Chemours deze heeft verzameld. De gegevens van 1998 tot 2009 komen uit de archieven van PZH / OZHZ. De gegevens vanaf 2009 zijn door Chemours aangeleverd. Bij Chemours was de stof PFOA vanaf 2009 niet rapportage plichtig in het kader van de PRTR. Voor indirecte lozingen is het bevoegd gezag met inwerkingtreding van de Waterwet (22-12-2009) overgegaan van het waterschap naar de Provincie. Het waterschap heeft geen normen opgenomen in de vergunning. Lozingsnormen voor deze stof (van respectievelijk 4 mg / l voor gemiddelde van 5 steekmonsters en 8 mg / l maximaal in enig steekmonster) zijn door OZHZ vanaf 2012 (middels ambtshalve wijziging) in een vergunning vastgelegd.”

Stof in bodem
Voor 2004 zijn geen indirecte lozingsgegevens bekend van deze stof. Voor zover nu bekend vond voor 2004 lozing via de zuivering van Chemours plaats naar het oppervlaktewater. Omgevingsdienst ZHZ: “Vanaf 2004 heeft Chemours zelf een registratie van de lozing van deze stof bijgehouden. Deze gegevens zijn in de tabel opgenomen. In 1998 is een nieuwe scrubber geplaatst waardoor de emissie van de stof PFOA naar de lucht is gereduceerd. In de jaren ’90 was de emissie naar verwachting hoger dan in de periode van 1998 en later. In het beperkte onderzoek naar de jaren voor 1998 is vastgesteld dat er vanaf 1992 tijdelijk een norm van 14 ton per jaar gold en dat een berekende emissievracht van lager dan 5 ton per jaar is gerapporteerd. De stof PFOA bevindt zich nog in de bodem op de site van Chemours en maakt onderdeel uit van een grotere vervuiling waar een bodembeheersprogramma voor loopt. Vrijkomend afvalwater van deze zuivering wordt geloosd op het oppervlaktewater, waar RWS bevoegd voor is. Bevoegd gezag voor de verontreiniging in het kader van de Wet bodembescherming is de gemeente Dordrecht.”

Vergunningen
In de vergunning van 1998 is de stof PFOA gereguleerd, schrijft de Omgevingsdienst ZHZ. In de vergunning is zowel de jaarvracht als de concentratie-eis voor de emissie naar de lucht vastgelegd. De norm was 3200 kg / jaar PFOA bij de PTFE (Teflon) fabriek met een concentratie-eis van 20 mg/Nm3 en 300 kg / jaar PFOA bij de FEP fabriek. In de laatste nieuwe revisievergunning van 2013 is de stof niet meer genormeerd, omdat deze niet meer in gebruik was. Voor juni 2013 was de stof in de Nederlandse emissierichtlijn voor luchtemissies geclassificeerd als g.O1 stof met bijbehorende concentratienorm van 20 mg/Nm3.”

Overschrijding
De gegevens zijn naast duiding per fabriek ook getotaliseerd weergegeven in een tabel weergegeven. De som van de totale vergunde emissie is 3.500 kg per jaar. “In 2000 en 2011 was er een overschrijding van de vergunde norm voor de FEP fabriek. In het kader van de feitenverzameling is nu geen onderzoek gedaan naar de acties die zijn uitgevoerd naar aanleiding van deze overschrijding. Dat onderzoek wordt momenteel aanvullend uitgevoerd. Om inzicht te krijgen in de blootstelling van de omgeving aan deze stof is voor zover nu bekend alleen de totale emissie relevant, waarbij de bronnen wel apart gemodelleerd worden.” 

De redactie van Sliedrecht24 komt graag in contact met (oud-)werknemers van Chemours (voorheen DuPont). Mail ons: [email protected]

1 gedachte over “Gemeente pakt vermeend milieuschandaal DuPont op”

  1. Van 2005 tot en met 2009 heeft de Stichting Werkgroep Derde Merwedehaven in samenwerking met Johan Vollenbroek diverse malen om actualisatie van de vergunning van DuPont gevraagd.
    Ook de procedures bij de Raad van State zijn door de stichting gevoerd. Telkens werd de stichting tegengewerkt door de ambtenaren van de provincie in deze zaken. Dezelfde ambtenaren zitten nu bij de Omgevingsdienst ZHZ in Dordrecht. Wordt het nu langzaam aan eens tijd deze ambtenaren uit hun functie te ontheffen, maar ook hun leidinggevenden?

Plaats een reactie

*=Verplicht veld