Slydregt.NU wil strengere aanpak hondenpoepoverlast

SLIEDRECHT – Lokale partij Slydregt.NU wil dat de gemeente Sliedrecht de overlast veroorzaakt door hondenpoep strenger aanpakt. Dinsdag 10 juli 2018 kwam de partij met een motie. “Hondenpoep al sinds jaar en dag tot één van de grootste ergernissen bij de inwoners van onze gemeente behoort. Hondenbelasting blijkt géén middel te zijn om overlast van hondenpoep tegen te gaan maar door sommige hondenbezitters meer als een rechtvaardiging wordt opgevat om de uitwerpselen niet op te ruimen. De hondenbelasting een algemene belasting is, zoals de OZB, en geen doelbelasting, zoals de rioolrechten en afvalstoffenheffing. In de praktijk blijkt dat de gemeente er ook zo mee omgaat en dat de overlast niet echt wordt opgelost”, constateert Slydregt.NU.

De gemeente heeft volgens Slydregt.NU als beheerder de taak de openbare ruimte schoon te houden. Hondenbelasting is geen afdoende maatregel om de overlast van hondenpoep tegen te gaan. (Archieffoto René van den Bos)

“We hebben een beleid nodig dat gericht is op gedragsbeïnvloeding van de hondenbezitter en geen beleid gericht op het belasten van het hondenbezit. In dit verband kan worden geleerd van andere gemeenten, zoals Rotterdam die al jaren lik op stukbeleid op deze vorm van hufterigheid hanteert. In deze lijn kan ook de bestrijding van de overlast van hondenpoep worden aangepakt”, stelt de fractie van Slydregt.NU. 

Verzoek
De lokale partij vroeg het college van B & W dinsdag o
nderzoek te doen naar de effectiviteit van de huidige maatregelen, waaronder de hondenbelasting,. Na te gaan welk boeteregime andere gemeenten hanteren. Onderzoek te doen naar de opbrengsten van deze boetes en naar de mogelijkheid deze in te zetten om maatregelen te treffen die meer gericht zijn op de oplossing van het probleem. De extra inzet van BOA’s (Bijzondere Opsporings Ambtenaren) op de naleving van gemaakte afspraken en regels betreffende het opruimen van hondenpoep. Slydregt.NU vroeg over de resultaten daarover de gemeenteraad in het vierde kwartaal te rapporteren en met voorstellen te komen voor nieuwe beleidsinstrumenten.