SLIEDRECHT – In Sliedrecht zat tijdens de Tweede Wereldoorlog enige jaren een NSB-er burgemeester aan het roer. Tussen 1943 – 1945 was Jan Pieter Henderik Dhont door de Duitsers als eerste burger aangesteld. Hij verving Herman Popping (1931-1943 en 1945-1946), die later zou aftreden. Popping verliet daarna Sliedrecht. Premier Mark Rutte (VVD) maakte zondag 26 januari 2020 excuses voor het overheidshandelen. Daar reageerde op Facebook de huidige burgemeester van Sliedrecht Bram van Hemmen (CDA) op.
Toenmalig burgemeester Jan Pieter Henderik Dhont, tweede van links. (Foto Stadsarchief Rotterdam)
Dhont geboren in 1884 maakte carrière als gemeentesecretaris (1916-1924) en burgemeester van Overschie en Hillegersberg (en als bijbaan) Schiebroek (1924-1941). Vanwege zijn optreden tijdens de Tweede Wereldoorlog besloot het toenmalige College van B & W daar op 14 juni 1945 de naam van het J.P.H. Dhontplein te wijzigen in Lariksplein. Ook in Sliedrecht herinnert niets aan de NSB-burgemeester. Dhont overleed in 1983.
Oproep
Welke rol speelde Dhont? Toen hij burgemeester was, gooiden de Duitsers bommen op Sliedrecht met verschillende doden tot gevolg. Ook werden mensen opgepakt en half mei 1944 zo’n 900 mensen (589 uit Sliedrecht) afgevoerd naar concentratiekampen (Merwedegijzelaars) van wie een aantal nooit is teruggekomen. En werden tijdens de hongerwinter van 1944 vele bomen in Sliedrecht omgezaagd om kachels te stoken en er wordt een centrale keuken geopend.
Wie heeft er nog herinneringen aan deze tijd. Sliedrecht24 roept op om te reageren onder dit artikel. Wat gebeurde in Sliedrecht in deze jaren en hoe wordt Dhont herinnerd?
Tekst gaat verder onder tweet.
Premier Rutte: "Nu de laatste overlevenden nog onder ons zijn, bied ik vandaag, namens de regering excuses aan voor het overheidshandelen van toen." (26 januari 2020) Bevelen van de Duitsers werden opgevolgd tijdens de Tweede Wereldoorlog #Tweetbijartkel pic.twitter.com/pIcThJoHeF
— Sliedrecht24 (@Sliedrecht24) January 27, 2020
Behoeden voor erger
Zondag 26 januari 2020 sprak premier Mark Rutte (VVD) tijdens de Nationale Auschwitz Herdenking de woorden: “Nu de laatste overlevenden nog onder ons zijn, bied ik vandaag, namens de regering excuses aan voor het overheidshandelen van toen. En dat doe ik in het besef, dat geen woord, zoiets groots en gruwelijks als de Holocaust, ooit kan omvatten.” Burgemeester Bram van Hemmen schreef kort daarna op zijn Facebookpagina: “Eén van de oorzaken is dat helaas het overheidsapparaat in die tijd gewoon haar werk is blijven doen. Ook mijn ambtsvoorgangers in Nederland. Ik hoop dat ik dat anders zou doen als ik voor die situatie zou staan… Een tijdje terug las ik een artikel over burgemeesters in oorlogstijd. En dat was echt confronterend, slechts één op de vijf burgemeesters was een NSB’er. Ik dacht dat ze bijna allemaal vervangen waren door NSB’ers. En ze waren echt niet allemaal fout, integendeel. Veel burgemeesters hebben wel een fundamentele beoordelingsfout gemaakt. Ze dachten dat door te blijven zitten en reeksen van inhoudelijke beleidsconcessies te doen erger kon worden voorkomen. Het waren kleine stapjes. En als ik dan heel eerlijk ben, zou ik als uw burgemeester, niet hetzelfde doen? U proberen te behoeden voor erger. Zo ken ik mijzelf wel…Kortom ik sta volledig achter deze excuses. Niet als oordeel over onze voorgangers, maar als erkenning van en verantwoordelijkheid voor de verkeerde keuzes van toen.”
Bronnen:
“De Tijd van Toen” van Ir. W. Bos Jzn.
“Sliedrecht in Oorlogstijd” van J. A. Batenburg