SLIEDRECHT / REGIO – Met enige spanning wordt uitgekeken naar het moestuinonderzoek rond chemiebedrijven Chemours / DuPont aan de Baanhoekweg in Dordrecht, dat sinds eind juli 2021 wordt gedaan. Onderzoekers gaan daarvoor langs bij moestuinen in Sliedrecht, maar ook in Dordrecht, Papendrecht en Molenlanden. Het onderzoek is uitgebreider dan het eerdere moestuinonderzoek in 2017.
Monsters worden genomen van groente en fruit, maar ook van de bodem, sloot- en regenwater. Het onderzoek richt zich op de aanwezigheid van stoffen PFOA en GenX. Het streven is om voor het nieuwe moestuinseizoen 2022 duidelijkheid te hebben over eten uit eigen tuin in de omgeving van Chemours / DuPont.
Het onderzoek moet duidelheid geven over het eten van gewassen uit de tuin. Het moet leiden tot een nieuw advies en duidelijkheid voor de inwoners van de genoemde gemeenten. Er worden van 23 soorten gewassen in totaal circa 700 monsters uit clusters van moestuinen en volkstuincomplexen geanalyseerd. Uit eerdere bodemonderzoeken blijkt dat in dit gebied het gehalte PFAS in de bodem hoger is. Dat komt doordat de wind vaak uit het zuidwesten komt. Daardoor zijn PFOA en GenX van Chemours / DuPont destijds vooral hier neergedaald.
Nieuwe technieken
De gemeenten laten nu in afstemming met het RIVM de verzamelde gewassen met nieuwe analysetechnieken onderzoeken. Deze technieken kunnen lagere concentraties PFAS meten. In 2017 is ook moestuinonderzoek gedaan. Toen lagen de concentraties PFOA en GenX in moestuinen tussen één tot vier kilometer van Chemours zo laag, dat ze met de toenmalige technieken niet konden worden gemeten. Nu vier jaar later zijn de technieken zo verbeterd, waardoor veel lagere concentraties PFAS meetbaar zijn.