Van de week kreeg ik een telefoontje. Op zich niets bijzonders natuurlijk. Het was deze keer weer eens een onbekend nummer. Ik neem dan zeker niet altijd op, maar soms maak ik een uitzondering. Dus toch opnemen.
En toen kwam er een vloedgolf van ingestudeerde vrolijkheid en energie op me af. “Goedemorgen, meneer de Borst. Ik heb goed nieuws voor u. Want ik mag u namens de Vriendenloterij bla bla bla.” Na deze eerste lading van aangeleerde verleidingswoorden ging ik dit keer maar gewoon spiegelen. Vol energie en vrolijkheid zei ik: “Goedemorgen, beste telefonist van de Vriendenloterij. Ik heb slecht nieuws voor u, bla bla bla.” Stilte aan de andere kant van de lijn? “He? Hoe bedoelt u?” kwam er wat stamelend uit. De ingestudeerde riedel aan de andere kant van de lijn was doorbroken door mijn spiegelwoorden. Het initiatief van overrompeling werd door mij overgenomen. In korte, duidelijke, energieke en vriendelijke zinnen vertelde ik exact waar ik wel en waar ik geen behoefte aan had. En natuurlijk sloot ik af met een wens tot een verdere goede dag.
Met een glimlach legde ik mijn telefoon weer neer.
Een ieder van jullie kent vast ook wel van dit soort momenten. Een marketeer aan de telefoon, een verkoper van abonnementen aan de deur of een mail met een of ander wazig product of dienst. De buitenwereld die zich ongewenst opdringt en via gsm, deur, ramen, internet en brievenbus binnen probeert te komen. De kern is steeds hetzelfde: ze zijn ongewenst. Het zijn ongewenste momenten die je kunt missen als kiespijn, toch?
Afgelopen week had ik opeens een ongewenst, inclusief onbekend gezicht in mijn voortuin staan. Op straat stond nog een groep van ongeveer 10 personen rond te kijken, o.a. naar de manoeuvres van de vuilniswagen die heel veel moeite moest doen om de straat in te draaien. Deze persoon in mijn tuin had eerst ongegeneerd naar binnen staan te kijken bij de buren en probeerde dit nu ook bij mijn huis. Natuurlijk slaan mijn 2 honden dan flink aan en hopen dat ze de persoon duidelijk maken dat ze weg moet gaan. Het liefst zouden ze dan zelf naar buiten gaan om de privacy van ons huis en haard fysiek te waarborgen, maar dat zou weer op een andere ongewenste situatie uitdraaien.
Naar buiten stappend en vragend wat dit allemaal te betekenen had, wordt er snel door een ander verontschuldigend gezegd dat het per ongeluk was. Nou, neem me niet kwalijk, per ongeluk is in mijn wereld echt iets geheel anders dan heel bewust zomaar brutaal iemands tuin binnenstappen en door de ramen naar binnen gaan gluren. Een ander persoon vertelde dat ze van de gemeente Sliedrecht waren. Ze gaven een groep Roemeense gasten – deel van de officiële delegatie uit partnerstad Orăștie – een rondleiding en uitleg over de vuilnisophaaldienst. Het bezoek stond in het teken van kennisdeling over afvalbeheer. Het gezicht en het gemeentelijke logo op diens trui waren voor mij bekend en we hadden een kort gesprek. Ik hoop dat deze Roemeense gast gelijk een extra les leerde over omgangsvormen.
En nu ik toch iemand van de gemeente hier aantrof, maakte ik gelijk gebruik van de gelegenheid om te wijzen op het ongewenste gebeuren dat nu ook dit keer met de vuilniswagen aan de hand was. De straat in en uitdraaien kost ontzettend veel tijd, stuurkunst en ws. ook frustraties voor de chauffeur en vuilnismensen. Door geparkeerde auto’s die te ver uitsteken, die wat meer van de stoeprand afstaan en ook door foutief geparkeerde heilige koeien is het bijna onmogelijk om zonder schade het vuil te komen ophalen. Enige tijd geleden waren ze ruim 45 minuten bezig en samen met een aantal bewoners probeerden we toen de eigenaar van een wel heel ongewenste parkeeractie te achterhalen. Op de beveiligingscamera zag ik dat het een voor ons onbekend persoon was die zijn auto lomp gedumpt had, waardoor de grote gele gemeentelijke vriend de draai niet kon maken. Aanbellen in de hele straat en zelfs daarbuiten leverde helaas geen eigenaar op.
Afgelopen dinsdag stond de gele rakker ook weer flink te toeteren om een van mijn buurtgenoten te attenderen op zijn laks geparkeerde auto die opnieuw de draai onmogelijk maakte voor de vuilniswagen. Zo moeilijk kan het toch niet zijn om rekening te houden met de wijze waarop jij je auto parkeert?
De gemeentelijke medewerker gaf aan dat dit soort ongewenste zaken juist nu ook in kaart gebracht worden, zodat deze bij wegwerkzaamheden en het tzt. ophogen van de straat meegenomen kunnen worden. Goed om te horen, al gaan wel altijd mijn alarmbellen af bij het woordje ‘meegenomen’. Dat is een les die ik in mijn lokale, politieke periode snel leerde, want het betekent helaas dat het in de praktijk ergens in een onderste lade of in het ronde archief (prullenbak) belandt. Maar deze vriendelijke ambtenaar is geen politicus of wethouder en gaf me het gevoel zich hier wel hard voor te maken. Ik hoop dat ze tegen de tijd dat ze in deze wijk een buurtschouw houden ter inventarisatie dat ook gaan goed communiceren, zodat inwoners echt betrokken worden, kunnen participeren en daarmee ook directe invloed krijgen op verbetering van hun eigen omgeving en woongenot.
Zo kreeg dit ongewenste gebeuren in mijn voortuin toch weer een positieve wending. Met een hopelijk positief en constructief vervolg.
Dus de volgende keer dat er iets ongewensts je dag binnensluipt – een vrolijke telefonist, een gluurder in je voortuin of een fout geparkeerde heilige koe – glimlach even. Er zit bijna altijd een les, een lach of een kans in. Je hoeft ‘m alleen maar te willen zien en te pakken.
Ik wens jullie allen een positieve week toe, vol bruikbare ongewenste situaties.
Peter de Borst
verhalenverteller, spreker, woordkunstenaar en columnist bij GaafWoord
Let op! Een column bevat altijd een mening en mag prikkelen. Dit artikel staat dan ook op de pagina Opinie. Elke lezer mag een column aandragen (let op: de column is echt een column en geen ingezonden brief).